De ploeterende ondernemer

- armoede onder ondernemers -
 
Armoede onder ondernemers? Nog niet zo lang geleden berichtte de media naar aanleiding van de crisis over stijgende en stille armoede onder zelfstandige ondernemers. De zelfstandige ondernemer, ook wel de eenpitter genoemd, de zzp-er of het eenmansbedrijf, steekt zich sneller in de schulden dan mensen die in loondienst werken. Hoe komt dat? En waarom is deze groep zo kwetsbaar? Een interview met bedrijfsadviseur Marcel van Kasteren en voormalig onderneemster Shrook Khafaji.
 
Kwetsbare groep
Marcel van Kasteren, bedrijfsadviseur bij het StartersCentrum in  Heerlen & Maastricht ziet niet alleen door de kredietcrisis gevallen van armoede onder ondernemers. De zelfstandige ondernemer is per definitie kwetsbaar. Op het sociale vangnet dat voor ‘de werknemer in loondienst’ wettelijk is geregeld, kan de kleine zelfstandige geen aanspraak maken. Er is geen uitkering waar ze tijdelijk van kunnen leven, en omdat men vaak (al het) eigen geld in de onderneming heeft gestoken, is een lening bij een bank vaak ook niet (meer) mogelijk. Ook is het Nederlandse belastingsysteem onhandig qua timing: “bij mensen in loondienst wordt de belasting elke maand automatisch van hun loon ingehouden; ondernemers daarentegen moeten een bedrag reserveren dat ze aan het eind van het jaar afdragen. Als je daar geen rekening mee houdt, dan zit je dus ineens met een onverwachte kostenpost die vaak groter is dan gedacht,” licht Van Kasteren toe in zijn sober ingerichte kantoor op de derde verdieping van het AINSI-gebouw in Maastricht.
 
Het eigen kind
Maar naast financieel risico en moeilijke toegankelijke hulpverlening, draagt de emotie, de betrokkenheid bij het ‘eigen kind’ bij aan het niet willen zien hoe slecht de zaken gaan. Het feit dat een onderneming iets van jezelf is, dat je zelf hebt opgestart en waar je eigen geld in zit, blijkt vaak ook de zwakke plek voor veel zelfstandigen. Een eigen onderneming voelt als een eigen kindje.Wanneer het niet goed gaat met dat kindje spelen niet alleen zakelijk factoren mee maar vooral emoties. “Stel dat het al een tijdje niet goed gaat, en dat het inkomen onder het bijstandsniveau is gedaald,”, zegt Marcel, “dan betekent het op den duur dat het zo niet langer kan en dat men moet stoppen met het bedrijf, maar daar wacht men dus vaak (te) lang mee. Het is schrijnend om te zien hoe sommigen élk dubbeltje moeten omdraaien en hun kinderen niet kunnen geven wat ze nodig hebben. Vooral in de horeca en de detailhandel is er sprake van hoge kostenstructuren, zoals huur, vergunningen en belastingen.”
 
Zijn er dan helemaal geen voorzieningen waar zelfstandige ondernemers in zwaar weer gebruik van kunnen maken? “Er bestaat zoiets als de BBZ regeling voor gevestigde ondernemers. Daar kun je als ondernemers gebruik van maken als je inkomen beneden bijstandsnivo raakt. Feit is wel dat je moet kunnen aantonen dat binnen een bepaalde periode je bedrijf weer levensvatbaar kan zijn. En daar zit ‘m vaak het probleem. Bovendien is de aanvraag- en beoordelingsprocedure via de Zelfstandigenloketten van de gemeenten een lang en moeizaam traject vol beren op de weg. En tijd heeft een ondernemer vaak niet… zie daar het volgende probleem.”
 
Ook lopen de opvattingen over wat goed ondernemerschap is nogal uiteen. Voor Shrook Khafaji betekende het dat ze haar eerste eigen bedrijf, een goudsmederij en supermarkt die ze samen met haar man runde, moest opdoeken: “de zaken liepen best goed, ik wilde alleen een lening aanvragen om te kunnen investeren in verbeteringen, de gemeente Heerlen weigerde die echter te verstrekken, omdat het kleine bedrijf in hun ogen niet goed liep.” Het overkwam haar een tweede keer toen ze in 2006 samen met wel 30 ondernemers uit net zoveel verschillende culturen haar eigen catering- en afhaalbedrijf met Iraaks eten kon opzetten in het kader van het multiculturele winkelproject Bazaar de Klomp in Heerlen. Na jaren van ploeteren, in loondienst, als vrijwilligster, af en toe een uitkering, wilde ze haar oorspronkelijke plan om een eigen bedrijf te runnen niet laten varen.
 
In het geval van de Bazaar was er sprake van een veelheid van factoren waardoor het project uiteindelijk mislukte. Uitgangspunt was een groep startende ondernemers met een zo divers mogelijk aanbod in de detailhandel in Heerlen een kans te geven. Maar  door de moeizame verhoudingen tussen die meer dan 30 verschillende culturen in de Bazaar - Shrook werd vanwege haar geloof door de andere ondernemers gepest, het gebrekkig management van projectontwikkelaar TCN en het in de startfase ontbreken van enige vorm van reclame - ging de Bazaar na krap twee jaar ter ziele.
 
Shrook had veel eigen & geleend geld in haar zaak gestopt. Ze had een nieuwe keuken aangeschaft, de reparaties aan het dak en de ventilatie betaald, etc. etc. Als het goed was gegaan met de Bazaar had ze haar schuld kunnen afbetalen. Toen de klanten echter wegbleven, was de koek op een gegeven moment op. Ze is gescheiden en heeft daarom een alleenstaanden uitkering. En van dat bedrag (750 euro) moet ze nu haar schuld afbetalen, haar medicijnen die niet worden vergoed, haar kinderen financieel ondersteunen in hun studerende leven, en zichzelf blijven motiveren om elke dag weer door te gaan met overleven.
 
Schaamte
In zijn werk als bedrijfsadviseur voor de Kamer van Koophandel, in Afrika, in Heerlen (Buurteconomie) die mensen hielp om een onderneming op te zetten ziet Marcel vooral veel schaamte over de situatie: “financiële problemen leidt vaak tot de bekende oogkleppen, waardoor ondernemers niet meer in staat zijn om de bakens te verzetten.” Aan hem de taak om ratio en emotie te scheiden: “mensen hebben in al hun misère geen oog meer voor andere mogelijkheden. Ik vraag hen dan 'wat kun je nog wél doen?' Ik probeer helderheid in hun gedachten te scheppen. Ik moet hen 'positief ontmoedigen' zoals dat heet, hen wijzen op wat verantwoord ondernemen is.”
 
Hadden de ondernemers van het multiculturele winkelproject Bazaar in Heerlen ook zo'n spiegel moeten hebben? “Nou, dat weet ik niet, maar er was sprake van veel onwetendheid en gebrek aan ervaring. Veel deelnemers aan het project dachten 'de mensen komen vanzelf wel' en de initiatief-nemers, waaronder projectontwikkelaar Charlemagne TCN stelden zich op met de houding 'wij regelen alles voor jullie, jullie hoeven alleen maar te ondernemen'. Het bleek achteraf dat het in de markt zetten van de Bazaar van het  begin af aan professioneler had moeten worden aangepakt. Door het verschil in verwachtingspatroon van zowel TCN als de ondernemers en het onderlinge gekibbel is de Bazaar op een hellend vlak geraakt met de bekende afloop.”
 
Voor Limburg geldt dat momenteel de kredietcrisis, de dalende bevolkingsaantallen en de teruggelopen consumenten bestedingen belangrijke factoren zijn in de toenemende armoede onder ondernemers in de provincie. Vroeger had je grote bedrijven (o.a. de mijnen) die zorgden voor economische dynamiek. Die grote structuren zijn tegenwoordig weggevallen. In die context wordt het “ondernemerschap vaak als redmiddel gezien om uit de ellende te komen”, constateert Marcel, “ik heb veel compassie met mijn cliënten, maar niet iederéén is een ondernemer. Als ik een horeca-ondernemer bijvoorbeeld vraag hoe z'n financiën ervoor staan en hij zegt 'dat weet ik niet, hoor, daarvoor moet ik mijn boekhouder bellen', dan weet ik het niet meer. Ik kan nog zo mijn best doen om mensen te helpen, maar je moet wel inzicht hebben in eigen doen en laten.”Shrook heeft voorlopig haar bekomst van ondernemen, maar: “je voelt dat je leeft, als je werkt. Ik vind het leuk om met mensen om te gaan. Die onafhankelijkheid van de zelfstandige ondernemer is voor mij geen must, maar het draagt wel bij aan mijn zelfbewustzijn.”
 
Maaike van Stolk

Geplaatst in categorie(ën):
< Terug naar overzicht

Steunkaart

Op de Steunkaart van Limburg kun je zien bij welke instellingen en organisaties die zich met armoede bezighouden, je terecht kunt.

Zijn er nog vragen?

Heb je een vraag over armoede? Over een bepaalde regeling of voorziening? Heb je ons iets te vertellen?

Marktplein

Televisiekastje van Ikea gratis af te halen in Heerlen.